Weefkring Eigengereid

Annelie Kunst, Cilia van der Wende, Gerda van der Greft, Hannie Bulsink, Mariet Quist, Rieneke van der Plicht en Tiny Wentink, allen afkomstig uit de regio.

Vertel je aan vrienden en bekenden dat je weeft dan denkt men al snel aan wollen sokken en sandalen en realiseert men zich niet dat we allemaal elke dag met geweven materialen in aanraking komen, gebruiken en dragen.

Handweven is al zo oud als de mensheid zich kleedt en wordt over de hele wereld op allerlei manieren nog steeds als een prachtig ambacht uitgevoerd.

Ook is er zoveel  meer te doen op het moderne handweefgetouw dan het gebruik van wol, zijde en katoen voor het weven van huishoudtextiel, gordijnen, kussenhoezen en kleding, hoe mooi dit alles ook kan zijn.

Bij gebruik van koperdraad, roestvrijstaaldraad, plastic, pitriet of rubber, verschillende technieken en fantasie tezamen,  komen we tot bijzondere resultaten, denk hierbij aan objecten, wandkleden, tassen en sieraden.

Dit alles, geïnspireerd op het thema “Fraai Getooid” is wat weefkring Eigengereid graag wil laten zien tijdens de expositie in Kerkje De Rietstap in Dinxperlo.

Wij heten u graag van harte welkom.


Annelie Kunst – In de loop van mijn leven volgde ik diverse creatieve workshops, cursussen en een opleiding aan de AKI in Enschede.

Mijn disciplines zijn beeldhouwen, schilderen en textiele werkvormen.

Weven is tegenwoordig mijn meest favoriete bezigheid en vooral het werken naar een thema inspireert mij steeds weer.

“Fraai getooid” nodigde mij uit om vooral shawls te weven.


Cilia van der Wende – Ik zal mij even voorstellen:

Mijn naam is Cilia en ik woon in Ulft. Ik weef al ruim 40 jaar met plezier.

Meestal maak ik gebruikstextiel, zoals tafellopers ,sjaals, theedoeken, tassen en kleding.

De laatste tijd maken mijn man en ik een gezamenlijk werkstukken. Rob schildert en ik weef, zoals  je kunt zien aan het portret  van de Egyptische  koningin Nefertiti .

Door de Egyptische  kunst ben ik nu  geïnspireerd om een lijkwade  te gaan weven, want als ik begraven wordt wil ik er natuurlijk ook “Fraai getooid ” bij liggen.


Gerda van der Greft – Doordat je overal en altijd met geweven materialen in aanraking komt was ik nieuwsgierig geworden  naar de techniek van het weven. Daarom ben ik in 2008 begonnen met het nemen van weeflessen.

Allereerst dacht ik dit te doen totdat ik de weeftechniek een heel klein beetje zou begrijpen en was ik er verder niets mee van plan. Maar nog steeds weef ik en wil ik steeds weer iets anders proberen en dan het liefst iets maken wat niet zo voor de hand ligt en daardoor een leuke uitdaging geeft.  Deze keer was het thema van onze weefkring “Fraai Getooid” een breed begrip met veel mogelijkheden.


Hannie Bulsink – Weven is al jarenlang mijn hobby. Op de volkshogeschool in Bergen NH in 1966 maakte ik kennis met weefgetouwen en weeflessen.

Weer terug in de Achterhoek heb ik lessen gevolgd in Doetinchem bij Hennie Willems. De cursisten uit die tijd vormen het begin van de weefkring Eigengereid

Ik vind het mooi om met materiaal te werken dat bij ons op de boerderij voorhanden is. Schapenwol,  paardenhaar en zelfs met antiek bestek heb ik al eens gewerkt.

In huis staat een  achtschachts tafelgetouwtje en een groter staand getouw waar je tot een meter breed op kunt weven.

De tas is geweven van een net dat gebruikt is om over de aardbeienplanten in de groentetuin te spannen. Het zwarte garen is wol.

De voering en de knoopjes zijn van een jurk die nog van mijn grootmoeder is geweest

Werkhandschoenen
Van de werkhandschoenen is de bestaande stof vervangen door zelf geweven stof. Het materiaal is katoen.


Mariet Quist – In aanvulling op mijn werk als lerares in het modevak ben ik 9 jaar geleden met weven begonnen. Voor mij is  het een geweldige aanvulling om naast het naaien ook mijn eigen stoffen te weven. Graag weef ik met een gebruiksdoel, dat kunnen sjaals, kleden maar ook gordijnen zijn. Bovendien weef ik graag stof om kleding van te maken, b.v.  een jasje of vest.

Het spelen met kleuren is daarbij heel inspirerend. Kleuren veranderen zodra ze in een weefsels in combinatie met andere kleuren gebruikt worden. Zodra het weefsel klaar is volgt het wassen, waardoor structuren duidelijk worden en het doek een ander uiterlijk krijgt dan op het getouw tijdens het weefproces. Het eindresultaat blijft steeds spannend.

Het werken met verschillende garens en kleuren blijft uitdagend!


Rieneke van der Plicht- van Manen – Door mijn opleiding als tuin- en landschapsontwerpster heb ik gevoel voor verhoudingen, ritmes en vormen.

Belangrijk in mijn weefwerk is de sobere combinatie van diverse, heel verschillende materialen. Daarbij moeten die materialen, ieder voor zich, een bijdrage leveren aan het totaal.

Een uitstapje naar ander textiele ontwerpen en vormen van ander materiaal dan textiel, zorgt voor verbreding en vergroot mijn interesse voor diverse materialen en hun toepassing. Er ontstaan spannende contrasten.


Tiny Wentink Brugman – Weven doe ik al heel lang, maar de laatste jaren weef ik vooral met wegwerpmateriaal. Dat kan van alles zijn, netjes van citrusvruchten, koperband, touw, repen geknipt van oude kleding enz.

Daar maak ik dan weer wandkleden of tassen en kussens van.

Het zijn soms de mooiste creaties die een nieuw leven krijgen.
Voor mij is dit een geweldige uitdaging, ik heb er veel plezier in en hoop dit nog heel lang te doen.